Skip to content

Nassaudag Breda

Elk jaar wordt op tweede Pinksterdag in Breda de Nassaudag gevierd. Stichting Nassaustad Breda zet zich in om de Nassaugeschiedenis van Breda onder de aandacht te brengen. Breda is een van de twee steden die de titel Nassaustad mag voeren (naast Leeuwarden) en is de grootste Nassaustad die er ooit is geweest.  De Nassaus hebben de aanzet gegeven voor de welvaart van Breda en hebben ervoor gezorgd dat Breda zich heeft ontwikkeld tot een grote en belangrijke stad.

Er is veel overgebleven uit de tijd dat de Nassaus in Breda woonden: het Kasteel van Breda (waar de Nassaus resideerden), de Grote Kerk (waar maar liefst negen Nassaus én de eerste Prins van Oranje begraven liggen onder prachtige grafmonumenten), het begijnhof, tientallen hofhuizen van leden van de hofhouding, het jachtslot Bouvigne en het prachtige stadspark het Valkenberg (waar de Nassaus hun valken lieten jagen). Ook al was de hofsamenleving door omwallingen en grachten gescheiden van de stad en leidde het een geheel eigen leven, voor Breda was het hof een belangrijke economische factor. De adel die op het Kasteel woonde, werkte als een magneet op de kunstsector, edelsmederij, design en architectuur.

In opdracht van Stichting Breda Nassaustad organiseert BLIKsum de Nassaudag. De  Nassaudag Breda 2016 was er een om op te vreten: het thema ‘Proef het Verleden’ zorgde ervoor dat de smakelijkste verhalen verteld werden. In de Grote Kerk werd het grootse feestbanket van Willem van Oranje drukbezocht. Honderden bezoekers smulden van het buffet dat Ralph Geerts (Ravanello – Food & Concepts) had klaargemaakt. Van 12.00 tot 17.00 uur werd met een gevarieerd programma op verschillende Nassau-locaties herdacht dat de Nassaus tussen 1403 en 1568 in Breda woonden.

Onder grote belangstelling opende Marianne de Bie, wethouder van Cultuur, samen met Willem van Oranje en Anna van Egmont het feestbanket. In 1553 liet onze Vader des Vaderlands zélf ook een feestbanket aanrichten, ter ere van de doop van zijn eerste kind. Het publiek smulde van o.a. rivierkreeft, gerookte ganzenborst, varken aan het spit, erwtenpuree en vorstelijke taarten. In samenwerking met Stichting Nieuwkomers en Vluchtelingenwerk Brabant Centraal bereidden nieuwkomers en vluchtelingen uit Syrië de koek voor bij de koffie. Dat deden ze met Oosterse specerijen die in de zestiende-eeuwse aristocratische keuken veel gebruikt werden.

Het Kasteel van Breda telde 5.375 bezoekers. In het Blokhuis kon men bekijken hoe de eettafel van Willem eruit gezien moet hebben. Ernaast was een prachtige opstelling gemaakt met het materiaal van het archeologisch onderzoek naar de stortkoker uit de zestiende eeuw. Aan de hand van de grote hoeveelheid dierlijk botmateriaal  kon nauwkeurig bepaald worden wat de aristocratie at. In het Valkenbergpark speelden kinderen talloze spelletjes.

Bouvigne stond in het teken van de jacht: wie wilde leren jagen als een edelman kon inspiratie opdoen in het koetshuis en in de tuinen. Er waren valkeniers, jachthoornblazers en een tentoonstelling met jachtinstrumenten en jachttaferelen. Kinderen maakten samen met de Legendejagers hun eigen pijl en boog en leerden sporen herkennen. Bouvigne werd door 1.500 mensen bezocht, voor het Kasteel ontstonden soms lange rijen voor de rondleidingen. Meer informatie op www.bredanassaustad.nl